Home

De ukkie verhalen
aantekeningen over de kinderen

De vakantieverhalen
Avonturen op vakantie

Priet en andere praat

Foto's

Contact

Naar de wereld der dromen

2011

2010

2009

2008

2007

2006

2005

2003-2004

Kindergedichtjes

Zon en Maan

Maandag 27-04: Het avontuur met de kat

Gisteren was Esther jarig. Het was een gezellige dag, redelijk rustig. Harald's ouders waren zaterdag al geweest – Esther had daar gelogeerd en ze kwamen haar die dag terug brengen. Ze hebben zaterdagavond bij ons gegeten en Esther heeft een cadeautje gekregen. De volgende dag kwam de rest van de visite: mijn ouders en wat vrienden. Daarna gingen de kinderen naar bed en hadden Harald en ik nog een rustige avond.

Het was die dag niet zo mooi weer geweest als in de dagen ervoor. We hebben wel de balkondeur open gehad en wat ramen om 's avonds het huis nog even wat te luchten. Altijd lekker, wat frisse lucht.

Toen was het tijd om naar bed te gaan. Waren de katten binnen? Vooral Sterne, onze kater, wil ik 's nachts altijd binnen hebben. Het is al meerdere keren voorgekomen dat we midden in de nacht bij de dierenarts zaten en als het even kan willen we dat voortaan vermijden.

Maar goed, geen Sterne. Wel een Frain, die lag al opgekruld op de bank en keek heel slaperig naar me op. Mooi, dat was een poes, maar waar was die bolle?

Naar beneden. Onder mijn bureau gekeken. Geen Sterne. In de keuken onder de tafel? Ook niet. Ik keek op alle gebruikelijke plaatsen en daarna ook op de ongebruikelijke plekken. In Rachel's kamer, naar binnen geslopen op zachte poezevoetjes toen Rachel een plasje ging doen? Nee, ook niet. Rachel zelf kreeg een kusje en sliep rustig verder.

Nog een verdieping hoger. In Esthers kamer, misschien, opgekruld op het bed of in de kast? Nee. Het washok dan? Onze slaapkamer? Nee.

Het raam in de gang stond nog wagenwijd open. Zou hij soms over het betonnen richeltje onder dat raam op onderzoek zijn gegaan? Ik scheen met mijn zaklantaarn over het randje. Geen kat. Ik scheen naar beneden. Ook geen kat bij de achterdeur.

Het balkon, dan? Nee, ook geen kat te zien, maar dat hoefde niets te betekenen. Voor hetzelfde geld was hij nu vijf balkons verderop tussen de plantjes gaan zitten. Beneden, op straat, was in elk geval ook geen dikke kater te zien.

Ik had geen zin om met de knabbeltjes midden in de nacht op straat te gaan staan rammelen, en trouwens, ik wist toch vrij zeker dat hij niet meer naar buiten was gegaan toen de achterdeur dicht was. Maar wààr was die kat?!

Het was na middernacht ondertussen. We hadden het licht uitgedaan, de hordeur van het balkon stond open voor het geval dat Sterne binnen zou komen, de slaapkamerdeur was dicht. Maar natuurlijk kon ik niet slapen. Waar was mijn wollie?

Het begon te regenen buiten, behoorlijk hard. Als Sterne nu nog buiten was, zou hij toch echt wel binnen komen. Ik stond nog een keer op om met mijn zaklantaarn naar beneden te schijnen – en hoorde gemauw. Maar het kwam niet van beneden!

En ja hoor, daar stond Sterne, op dat smalle betonnen randje, twee huizen verderop. Een raam stond op een klein kiertje en daar durfde hij niet langs. De regen kletterde naar beneden en Sterne miauwde nerveus. Ik scheen met de zaklantaarn op het richeltje voor hem, rammelde met de kattenbrokjes, riep hem, maar Sterne zat waar hij zat en bleef erbarmelijk miauwen. Als hij naar beneden zou vallen was het platte kat.

Gelukkig hoorden de mensen in dat huis hem. Ik rende naar beneden, liep naar de buren van nummer negen (nog even snel een trui aanschieten en een jas om, slippers aan. Daar naar boven. Twintig keer sorry sorry zeggen. Ja hoor, daar zat hij, vlak bij de regenpijp. "Sterne, kom maar!" Raam open, kat naar binnen, raam weer dicht. Kat platknuffelen!

Het duurde nog een poosje voordat ik goed en wel in slaap viel. Maar uiteindelijk kwam Sterne de slaapkamer in en ging op zijn vertrouwde plekje op mijn voeteneind liggen, en toen kon ik eindelijk slapen…